Verpachte percelen van extensief naar natuurinclusief

 

Vraagstelling

Het betreft een vraag van een verpachter en pachter. Samen willen ze kijken naar de mogelijkheden om op de verpachte percelen meer te doen aan natuurinclusieve landbouw. De percelen worden nu al relatief extensief beheert door de pachter (schapenhouder), en het waterpeil staat ook al redelijk hoog. Concreet gezegd zouden ze graag meer willen doen aan zowel het verbeteren van de bodemvruchtbaarheid, het tegengaan van pitrusvorming, het verhogen van kruidenrijkdom en het inrichten van een (greppel)plasdras voor weidevogels.

Huidige situatie

De percelen zijn gelegen in de oksel van het PM kanaal. Het betreft 17,5 ha grasland, met een mogelijke uitbreiding van 5,5 ha. In het meest gunstige geval een aaneen gesloten blok van 22,5 ha grenzend aan het natura 2000 gebied de Alde Feanen.

Het betreft grasland welke gangbaar worden beheerd, echter extensief. De eerste aanblik van de percelen is grazige vegetatie, een behoorlijke pitrusverruiging, een redelijk waterpeil met her en der greppel plasdrassen. De percelen worden momenteel met name beweid met schapen, enig vleesvee en het wordt deels gemaaid en geoogst t.b.v. wintervoer.

Uitkomst bodembemonstering

Het bemonsterde perceel heeft een kleidek van ongeveer 20-25cm. Het kleidek bevat veel organische stof en veel stikstof. Het perceel laat een open zode zien met spoorvorming. Veel Pitrus in de greppels. Het slootwaterpeil is laag en de grond is gevoelig voor Ridderzuring.

De CEC is matig gevuld tot 86%. De Ca/Mg-verhouding is met 59/22 slecht, waardoor er een slechte structuur ontstaat en er weinig ruimte is voor lucht. De pH is aan de lage kant. De elementen IJzer is erg hoog. IJzer fixeert andere elementen zoals Fosfaat, waardoor ze slecht beschikbaar komen voor de plant. Het gehalte Molybdeen is erg laag. Molybdeen is erg belangrijk voor de omzetting van stikstof naar werkelijk eiwit in de plant.

Uit de bodemconditiescores blijkt dat het aantal en de massa wormen redelijk is. Wormen zijn het topje van het bodem voedselweb en er mag worden aangenomen dat wanneer er een grote variatie en massa aan wormen en ander zichtbaar bodemleven aanwezig is dat het bodemleven goed is. Dit is niet het geval.

Concreet advies verbetering bodem

Ca/Mg verhouding herstellen

Chemisch is er nog wel wat te verbeteren om het bodemleven te stimuleren. Molybdeen en fosfaat zal beter beschikbaar worden wanneer bodemleven actief wordt. Het bemonsterde perceel heeft behoefte extra Calcium om de structuur te herstellen, zuurstof in de grond te brengen en zo een goed huis voor bodemleven te bouwen. Het advies is om te bekalken met een traag werkende en magnesiumarme kalkmeststof. Voorbeelden hiervan zijn zeeschelpenkalkmeer of eierschalen.

Storende laag opheffen

Door middel van bijvoorbeeld een graslandwoeler zijn storende lagen tijdelijk op te heffen. Vervolgens is het zaak om nieuwe bodemverdichting te voorkomen door te werken aan de Ca/Mg verhouding, bandenspanning, lichtere machines, ontwatering, bodemleven en diepwortelende gewassen.

Diepwortelende gewassen telen

Diepwortelende gewassen zijn in staat storende lagen op te heffen en zijn minder droogtegevoelig. Verder vergroten ze de bouwvoor, waardoor nutriënten in de diepere grondlagen beschikbaar komen. Ook zorgt het uitgebreide wortelstelsel voor meer en een diverser bodemleven. Voorbeelden van functionele graskruiden en voedergewassen zijn: Smalle weegbree, Cichorei, Wilde peen en Rodeklaver.

Waterlopen optimaliseren

Een te natte bodem is een koude en zuurstofarme bodem die makkelijk verdicht en waar bodemleven niet optimaal kan functioneren. Goede ontwatering is daarom belangrijk voor een goede bodem.

pH herstellen

Een goede pH is de basis voor een goede bodem. Bij een goede pH komen de nutriëntengoed beschikbaar en is er een optimaal klimaat voor bodemleven.

Bandenspanning aanpassen

Rijden met zware machines op te natte grond met een te hoge bandenspanning veroorzaakt bodemverdichting. Meten is weten en vervolgens aanpassen. Ureum stikstof i.p.v. nitraat stikstof. Om de koe in haar eiwitvoorziening te voorzien is de kwaliteit van het eiwit belangrijk. Nitraat stikstof kan in de plant omgezet worden naar werkelijk eiwit, maar de plant krijgt hier vaak onvoldoende de tijd voor. Daarnaast is er vaak een overschot aan nitraat stikstof, mede door natuurlijke processen. We zien dit in de praktijk terug aan hoge ureumgehaltes in de melk en een scheve OEB/DVE (veel NPN eiwit) verhouding in graskuilen. Daarom is het niet gewenst om extra nitraat kunstmest te strooien, maar om bijvoorbeeld ureum als stikstof bron te gebruiken.

Meer vaste mest of bokashi

Bokashi is geschikt als bodemverbeteraar en is een voedingsbron voor het bodemleven. Het verhoogt de microbiële diversiteit in de bodem en voorziet planten van voedingsstoffen, zoals natuurlijke antibiotica, groeihormonen, vitamines en aminozuren. Planten krijgen zo meer energie en een grotere weerbaarheid tegen schadelijke bacteriën en schimmels.

Uitvoering/aanpak

De benoemde herstelwerkzaamheden komen op het bord van de verpachter en pachter, echter men kan samenwerking in deze zoeken met de Stichting Weideleven, die o.a. ook bij Earnewâld grasland beheert met goed ecologische resultaten. De stichting staat open voor een overleg in deze. Daarnaast kunnen verpachter en pachter contact zoeken met de agrarische natuur coöperatie “ It Lege Midden”. Via deze coöperatie kunnen zij binnen de hier voor geldende randvoorwaarden subsidie aanvragen voor:

  • Beheerpakketten weidevogels
  • Beheerpakketten natte dooradering
  • Beheerpakketten water

Algemeen advies voor de lezer

Diepwortelende gewassen zijn in staat storende lagen op te heffen en zijn minder droogtegevoelig. Verder vergroten ze de bouwvoor, waardoor nutriënten in de diepere grondlagen beschikbaar komen. Ook zorgt het uitgebreide wortelstelsel voor meer en een diverser bodemleven. Voorbeelden van functionele graskruiden en voedergewassen zijn: Smalle weegbree, Cichorei, Wilde peen en Rodeklaver