Nieuwe LAP-coördinator stelt zich voor

Sinds kort is het team van de LAP uitgebreid met Martine Hijlkema.  Gerrie Visser is in de afgelopen periode met name bezig geweest met het opbouwen van de LAP en het coördineren van de eerste koppelingen tussen vragenstellers en adviseurs.  Inmiddels zijn we in de uitvoeringsfase beland en neemt Martine het stokje van Gerrie over voor wat betreft het coördineren en koppelen van de vragen van boeren aan de meest geschikte adviseur. Gerrie blijft als projectleider zich inzetten voor een opschaling en een verdere uitbreiding van de LAP.

We hebben een kort interview met Martine gehouden, hieronder stelt ze zich aan u voor:

  1. Naam, en privé situatie
    Martine Hijlkema, 44 jaar, ik ben getrouwd, woon in Tirns en heb 2 dochters van 11 en 13.
  2. Loopbaan
    Als Friese boerendochter weet ik veel over het werken en leven op een melkveebedrijf. Ik ben begonnen bij de Rabobank als assistent agrarische financieringen. Daarna heb ik 10 jaar met veel plezier en passie klanten kunnen helpen als agrarisch adviseur bij een landelijke advies- en accountancy organisatie. Het luisteren naar de vraagstukken welke op dat moment belangrijk zijn voor de ondernemer(s) en hun melkveebedrijf, om daarin mee te denken welke stappen er genomen kunnen worden, om het doel te bereiken, geeft mij energie.
  3. Wat heb jij met natuurinclusieve landbouw?
    Mijn eigen beleving van de natuur en landbouw zit in mijn genen. Opgegroeid op een melkveebedrijf, waar we de koeien buiten lieten grazen, waar ik om de nestbeschermers heen maaide, waar ik jonge haasjes meenam in de tractor om ze later weer vrij te laten en waar ik het 1e kievitsei vond van het dorp.Opgroeien in en met de natuur; dat is wat ik ook mijn kinderen gun.
  4. Pas je dit zelf ook praktisch toe?
    We hebben thuis geen melkveebedrijf meer, maar houden hobbymatig paarden op een klein perceel. Hier houden we bijv. bewust een aantal schapen tussen de paarden, om het grasland te verbeteren.
  5. Wat zie jij bij boeren, loonwerkers en andere aanverwante partijen t.a.v. natuurinclusieve landbouw (NIL)?
    De welwillendheid is er wel, omdat elke boer in en met de natuur werkt. Ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Maar doordat het rendement steeds meer onder druk komt te staan door de hoge kostprijs van de melk, voelt NIL bij sommigen als iets wat weer geld kost en weinig oplevert. Daarom zou het wenselijk zijn om de maatregelen mbt tot NIL te concretiseren in opbrengsten.Welke verdienmodel kan men creëren bij welke maatregelen? Er zijn nu verschillende NIL-opbrengsten zoals toeslag op de melkprijs via de melkfabriek, beheerspakketten, CO2 certificaten etc. Maar om je bedrijf in te richten op een verdienmodel berust op toeslagen (NIL opbrengsten) van de overheid, dan moet deze overheid dit wel eerst vastleggen in een langetermijnvisie. Voor de boer is het van belang ook op de lange termijn een goede boterham te blijven verdienen, daar moet met NIL-maatregelen op ingespeeld worden.
  6. Wat valt je op bij je advieswerkzaamheden in ’t veld’?
    Adviseurs hebben op dit moment een hoge werkdruk; de steeds veranderende overheid, nb vergunning, stikstofprobleem, eenzaamheid door corona, liquiditeitsproblemen, noem het maar op. Iedereen werkt in zijn eigen specialisme en doet zijn best om de sector bij te staan en te helpen waar hij/zij kan.
  7. Wat kom jij brengen?
    Ik zal proberen om de juiste koppeling te maken tussen de agrariër en een adviseur uit de Landbouw Adviespool. De specifiek vraag van de agrariër zal bepalen welke adviseur hem/haar zal begeleiden om tot een antwoord op maat te komen.Om op deze manier vragen over NIL concreet te maken en de agrariër verder te helpen op het gebied van natuurinclusieve landbouw, lijkt mij heel zinvol. Het is laagdrempelig en praktisch meteen toepasbaar.
  8. Wat is jouw zienswijze bij het uitvoeren van je nieuwe rol?
    Elke agrariër die we hiermee meer inzicht in NIL kunnen verschaffen en waardoor er daarna ook daadwerkelijk maatregelen worden toegepast op zijn/haar bedrijf is voor mij winst.Mijn motto blijft:
    De betreffende maatregelen moeten win-win moeten zijn; winst voor de natuur maar ook winst voor de ondernemer.
  9. Hoe denk jij dat we de LAP succesvol kunnen maken en een bijdrage kunnen leveren ad versnelling van de transitie?
    Stap voor stap.
    Wij kunnen als LAP veel kennis overbrengen aan de ondernemers. Wij kunnen inzichtelijk maken welke huidige maatregelen en opbrengsten op dit moment actueel zijn voor de ondernemer en zijn gebied. De versnelling van de transitie is ook afhankelijk van de visie van de overheid. Met een duidelijke langetermijnvisie, kunnen NIL-plannen toekomstbestendig worden gemaakt. Het succes is dus altijd afhankelijk van de samenwerking tussen meerdere partijen. Daar ga ik mijn best voor doen!

Kenniscaroussel natuurinclusieve landbouw op 30 september

Al veel Friese boeren zetten stappen op weg naar een natuurinclusieve landbouw (NIL). We weten inmiddels dat de weg hiernaartoe niet altijd even makkelijk is. Een daadwerkelijke omslag in je bedrijfsvoering betekent en vergt nogal wat. Er komen veel nieuwe zaken en kennis bij kijken en nog niet alles is ‘proven technology’.

Gelukkig staan boeren er niet alleen voor en zijn er instanties die willen helpen om de transitie te versoepelen, o.a. door het aanreiken van kennis.

Uitnodiging

We nodigen je van harte uit om 30 september deel te nemen aan de Kenniscaroussel die wij in samenwerking met Living Lab Fryslân organiseren. Zes verschillende thema’s van NIL worden uitgelicht, je kunt je voor drie inschrijven.

Kennissessies/workshops:

1. Natuurinclusieve landbouw
Wat verstaan we hieronder en welke stappen kan ik als ondernemer zetten?
Jehannes Fopma
2. Bodem
De bodem is de basis van alles: wat kun je zelf doen aan verbetering bodemstructuur en wat levert het op?
Ria Commandeur
3. Samenwerking Akkerbouw – Melkveehouderij
Welke kansen zijn er voor samenwerking? Inclusief succesvolle praktijkvoorbeelden
Henk Westerhof
4. Agrarisch natuurbeheer
Weidevogelbeheer en botanisch beheer: waar(om) kan het? En hoe dan?
Henk Oud
5. Bedrijfseconomische resultaten
Hoe vertaalt NIL zich in bedrijfs economische resultaten? Tips & tricks.
Ids van der Ploeg
6. Biodiversiteit op en rond het erf
Welke mogelijkheden zijn er? Waar moet je rekening mee houden? Tips & tricks.
Landschapsbeheer Friesland

Locatie
Húns: Onze kantoorlocatie Phlox, het dorpshuis en het kerkje.

Aanmelden

Meld je vóór 23 september a.s. hier aan.

Klik hier om de uitnodiging in PDF-formaat te downloaden.

Kickoff LAP met de adviseurs

Afgelopen dinsdag vond in en om onze thuislocatie in Húns de kickoff bijeenkomst voor de adviseurs van de Landbouw Adviespool plaats. We proostten met zijn allen op deze mooie ontwikkeling en dat we nu echt van start kunnen.

De Kick off was bedoeld om de LAP, het doel en de werkwijze toe te lichten, en natuurlijk ook om elkaar (beter) te leren kennen. Om ook elkaars vakgebied beter te leren kennen, is de aftrap gedaan door de Stichting Oude Friese Gewassen, vertegenwoordigd door de heer Spyksma. Onder andere kwam als aandachtspunt naar voren om ook nog te kijken naar andere pilots in het land (oa Drenthe), de tijdsspanne waarin je een boer begeleidt en hoe om te gaan met specialismen die nu nog niet in de pool zitten (juridisch, fiscaal bijvoorbeeld).

Definiëring natuurinclusieve landbouw

Deze Kick off bepaalde ook het gezamenlijke startpunt op het gebied van NIL. Anne Jansma lichtte toe hoe LLF NIL definieert en van daaruit boeren wil stimuleren en faciliteren om stappen te zetten. Natuurinclusieve landbouw is: ‘Een economisch rendabel landbouwsysteem, dat optimaal beheer van natuurlijke hulpbronnen duurzaam integreert in bedrijfsvoering, inclusief zorg voor ecologische functies en de biodiversiteit op en om het bedrijf’. Natuurinclusieve landbouw kan opgedeeld worden in drie pijlers:

  1. Zorg voor Natuur en Landschap
  2. Beter benutten van natuurlijke processen in het bedrijf
  3. Verminderen impact op het milieu

Het betreft een ontwikkelrichting welke ingedeeld kan worden in verschillende niveaus:

  • Niveau 0: Alleen voldoen aan wettelijke verplichtingen
  • Niveau 1: Maatregelen voor specifieke soorten
  • Niveau 2: Optimaliseren kringlopen op het bedrijf
  • Niveau 3: Grondgebonden- adaptief systeem à kringlopen, gewassen en veerassen passen bij omgeving

Behandeling cases

De LAP is er om boeren te helpen die stappen willen zetten op hun bedrijf.

Ook vanuit die definitie kunnen we met  vragen van boeren aan de slag. Toen we een aantal cases behandelden,  bleek al dat een vraag niet zomaar een vraag is, om te adviseren is een goede kennismaking met vragensteller en situatie nodig.  Dat was de conclusie.  Per casus konden daarnaast ook een aantal overall conclusies en adviezen gegeven worden.

Pilot consulent

Voor deze ochtend stond ook de afronding van een pilot project van LLF, waarbij met breed georiënteerde consulenten groepen van boeren werden begeleid op een specifiek thema geagendeerd. Conclusies daaruit, die voor de ontwikkeling van de LAP relevant zijn, zijn, zo schetste Carla Boonstra :

  1. Individuele adviestrajecten kunnen goed invulling geven aan een specifieke vraagbehoefte na een groepstraject. Veel deelnemers geven aan na de groepstrajecten behoefte te hebben aan handelsperspectief op hun erf.
  2. Door deel te nemen aan een studiegroep wordt de stap om individueel advies op maat aan te vragen makkelijker gemaakt. Er is dan immers al een relatie met LLF / LAP opgebouwd. VERTROUWEN is belangrijk!

Provinsje Fryslân

De provinsje Fryslan is mede ontwikkelaar van deze opstartfase van de LAP. Waarom en hoe dat past in het provinciale beleid werd toegelicht door Douwe-Jan Sietsma. Hij besprak de volgende 9 punten van de Landbouwagenda, waarin de LAP prominent is verwoord.

  1. Oprichting van een Friese voedselcoöperatie – Proces hoe krijg je de streekeigen en bioproducten bij de juiste afzetkanalen?
  2. Regionale verduurzaming – Aansluiting bij nationale normering en standaarden.
  3. Opzetten van een Fries beheersfonds – Hoe kun je dat blijven ondersteunen?
  4. Gezonde bodem – Onderzoeksthema’s
  5. Programma over Zuivel toegevoegde waarde
  6. Hoe gaan we ondernemers ondersteunen met onafhankelijke adviseurs en mentorschap?
  7. Grondgebondenheid verwaarden. – Denk aan: nieuw mestbeleid, bovengronds uitrijden.
  8. Friese kringloopcoöperatie. Hoe kun je (humane) reststromen bij elkaar brengen om de bodem te geven wat ie nodig heeft?
  9. Extra miljoen vrijmaken voor een transitiefonds. – Gangbaar naar meer inclusief.

Wij hopen dat deze ochtend een aanzet was voor de adviseurs om boeren te triggeren om zich met NIL-vragen te melden bij de LAP. Langzaamaan beginnen de eerste vragen binnen te komen en kunnen wij ook gaan coördineren tussen vragensteller en jullie als individuele adviseurs.

Kenniscarrousel

Naast deze adviseursbijeenkomst zijn wij bezig met de organisatie van een Kenniscarrousel voor boeren, deze staat ingepland voor donderdag 30 september a.s. van 10.00 – 15.00 uur. Voor de verschillende kennissessies willen wij o.a. een aantal LAP-adviseurs uitnodigen om die geven.  Van tevoren kan een boer zich inschrijven voor maximaal drie (van de in totaal zes) thema’s, die in parallelsessies van een uur gedurende die dag zullen plaatsvinden.

De thema’s zijn:

  1. Natuurinclusieve landbouw
  2. Bodem
  3. Samenwerking Akkerbouw – Melkveehouderij
  4. Agrarisch natuurbeheer
  5. Bedrijfseconomische resultaten
  6. Biodiversiteit rondom boerderij

 

Stel je vraag en krijg GRATIS 360gr advies

Voor alle boeren in Fryslân die (meer) stappen willen zetten naar een natuurinclusieve vorm van landbouw: 

Als je voor 30 juni je vraag instuurt naar info@lap.frl, dan heb je kans dat je vraag in de LAP-bijeenkomst op 6 juli as. behandeld wordt. Je krijgt dan vanuit een 360° view GRATIS advies op maat! In de pool zitten inmiddels zo’n 25 adviseurs, een ieder is expert op een bepaald thema. Een mooie kans dus om snel en gefundeerd advies op maat in te winnen!

Living Lab Fryslân: ‘Zoeken naar natuurinclusief melkstalsysteem lastig’

Meerdere melkveehouders zijn op zoek naar het best passende natuurinclusieve stalsysteem. Veertien Friese boeren deelden hun ideeën hierover afgelopen jaar. Vanuit Living Lab Fryslân tekende consulent Ysbrand Galama hun bevindingen op.

Welke drijfveer delen deze melkveehouders?

‘Een flink aantal staat voor de uitdaging om nieuw te moeten bouwen. Bijvoorbeeld omdat de stal en stalvloer verouderd zijn. Maar allemaal zijn ze ervan overtuigd dat vaste mest en gier scheiden en apart aanwenden beter is voor het bodemleven dan drijfmest. Bovendien beperkt het primair scheiden van mest en urine de vorming van ammoniak enorm.’

“Je zou wensen dat er vanuit de overheden meer lef wordt getoond richting boeren die willen investeren in nieuwe, veelbelovende stalsystemen.”

Ysbrand Galama, consulent Living Lab Fryslân

Wat is het best passende natuurinclusieve stalsysteem?

‘Die vraag staat nog open. Er zijn verschillende stalvloeren op de markt; dichte betonvloeren of met rubber om over nieuwe of bestaande roostervloeren te leggen. Deze zijn veelbelovend, maar er moet nog veel meer worden getest. Het schort aan kennis en financiële middelen om die kennis uit te breiden en goede ideeën in de praktijk te testen.’

Voldoen de huidige subsidieregelingen niet?

‘Klopt, die zijn veel te complex voor de vragen van deze boeren en sluiten daardoor echt onvoldoende aan op de praktijk. Daarbij speelt dat overheden, die vergunningen moeten afgeven, vaak eerst enthousiast zijn als boeren plannen presenteren om te willen investeren in een meer natuurinclusieve manier van boeren. Maar als puntje bij paaltje komt, worden ze huiverig en houden ze de boot af. Dit type stalbouw past niet in de bekende en geijkte hokjes.

Werkt dat demotiverend?

‘Helaas wel ja. Het motiveert totaal niet om voorloper te zijn op dit gebied als provincies en gemeenten zich zo huiverig opstellen. Je zou wensen dat er vanuit de overheden meer lef wordt getoond om boeren die willen investeren in nieuwe, veelbelovende systemen voor natuur en milieu, de ruimte te bieden.’

Bron: Living Lab Fryslân: ‘Zoeken naar natuurinclusief melkstalsysteem lastig’ – Nieuwe Oogst

Landbouwadviespool gaat van start

Voor Friese boeren met bedrijfsspecifieke kennisvragen over natuurinclusieve kringlooplandbouw is de afgelopen periode een Landbouwadviespool (LAP) opgezet door provinsje Fryslân in samenwerking met Living Lab Fryslân als coördinerende partij. De pool is een netwerk van onafhankelijke adviseurs die Friese boeren op hun erf helpt bij natuurinclusieve landbouw (NIL). Hiermee sluit Fryslân aan bij initiatieven vanuit LNV om kennis over verschillende aspecten van NIL op het boerenerf te brengen.

Beide organisaties ervaren dat steeds meer boeren in Fryslân bezig zijn met natuurinclusieve landbouw (NIL) of daar meer concrete kennis over willen krijgen. NIL vergt vaak extensiever gebruik van grond of op een andere wijze met de bodem omgaan. Onafhankelijke adviseurs kunnen nu de vragen van boeren beantwoorden. Zij doen dit met ondersteuning van een netwerk van organisaties zoals de agrarische collectieven, landbouw- en natuurorganisaties, It Wetterskip, kennisinstellingen en de provincie Fryslân. Voorbeeldvragen kunnen zijn: Hoeveel kruidenrijk grasland is inpasbaar in de bedrijfsvoering? Hoe verbeter ik de bodemstructuur? Is mijn bedrijf niet te intensief om met NIL aan de slag te gaan? Zou ik meer in moeten zetten op andere teelten naast gras en mais?

Pool compleet en site live

Inmiddels maakt een gevarieerde groep van sterk inhoudelijke, onafhankelijke adviseurs deel uit van de pool om boeren te helpen met hun specifieke kennisvragen om stappen richting NIL te zetten. Sinds deze week staat de site www.lap.frl live. De komende periode wordt de site steeds meer gevuld worden met praktijkcases, inspirerende voorbeelden en kennis uit studiegroepen, zodat een grotere groep boeren de vruchten plukt van reeds opgedane kennis.

Gedeputeerde Klaas Fokkinga gaf eerder dit jaar aan: “As provinsje wolle wy de oergong nei in natuerynklusive omrinlânbou mear gong jaan. Op it boerehiem komme in soad maatskiplike fraachstikken byinoar. Tagelyk moat dêr ek in goed stik brea fertsjinne wurde. Hokker plan makkest dan foar de kommende jierren? Wat is ienfâldich te feroarjen of ta te passen? Hoe hâlde guon dingen mei-inoar ferbân? Wat betsjut dat ekonomysk? Mei dizze Lânbou-advyspool besykje wy de Fryske boer by dy transysje op syn hiem te stypjen. Dat is in hiele moaie ûntwikkeling!”

Projectleider Gerrie Visser van Living Lab Fryslân vertelt: ‘Er komen bij ons veel vragen van boeren binnen over tal van onderwerpen aangaande NIL. Financieel gezien levert NIL de boer niet meteen meer op, maar wel veel meer biodiversiteit. Waar externe kennis vaak bij kan helpen is om vanuit een integrale, vernieuwende blik naar de totale bedrijfsvoering te kijken en op deze wijze te kijken naar meer ruimte voor biodiversiteit en een gezond verdienmodel’.

Drukdrainage prachtkans voor weidevogelbeheer

Wat als je sloten en drainbuizen niet alleen gebruikt om water van het land af te voeren, maar ook omgekeerd? Met drukdrainage kan het en ik ruik mooie kansen voor weidevogels!

Eerst wat uitleg. In de veenweidegebieden verwacht men veel van onderwaterdrainage: drains om de drie tot zes meter, die onder het slootpeil liggen. Het slootwater infiltreert zodoende tot ver in het perceel. Worden de buizen gekoppeld en gevuld vanuit een watervat, dan heb je drukdrainage.

De watertoevoer is regelbaar door het voorraadvat meer of minder vol te pompen.

Drukdrainage (bron: Factsheet Onderwater- en drukdrainage, Nationaal kennisprogramma Bodemdaling).

Drukdrainage maakt het mogelijk om bij een hoger waterpeil toch voldoende draagkracht en een goed grasbestand te behouden en dus te blijven boeren op veen. In natte periodes helpen de drains immers om het water af te voeren uit het perceel, in de zomer wordt de onttrekking (door verdamping), vanuit de sloot weer aangevuld. Met minder bodemdaling als gevolg en minder opbrengstdepressie door droogte in de zomer.

Quote: voedselbeschikbaarheid voor weidevogels wordt regelbaar

In de polder Spengen en in de Krimpenerwaard wordt getest of je met drukdrainage percelen kunt vernatten. Het werkt gaaf: met een druk op de knop stuwen ze het waterpeil zodat de graszode vochtig blijft en er in de greppels en op lage plekken plassen staan. Het is niet hetzelfde als een plasdras, maar wel de essentie ervan: natte plekken en een zachte graszode. Waar de vogels met hun snavels in kunnen peuren naar wormen die er wat hoger zitten.

Hoeveel verschil die nattigheid kan maken bleek treffend uit een onderzoek van het Louis Bolk instituut vorig jaar. Een nat perceel herbergde half maart in de bovenste 10 cm het uitbundige aantal van 730 wormen per m2. Maar in anderhalve maand tijd daalde het aantal wormen naar 60 per m2, omdat er geen regen viel. Met drukdrainage valt de nattigheid te regelen en kun je het hoge voedselaanbod van maart dus maanden in stand houden! En ik zie meer kansen. Je kunt (aanvullend bij plasdras) in de buurt percelen langer nat houden. Daarmee krijgt een gebied (nog) meer voedselzekerheid voor weidevogels. En verder is het nathouden van de zode een effectief middel om het gewas opener te houden, wat van mei tot juli gunstig is voor foeragerende kuikens.

Met gevleugelde groet,

Tips:

Houd de (greppel) plas-dras goed in de gaten: de verdampingssnelheid neemt toe. Controleer tenminste 1 keer per week de plasdras
Speel eens met de hoogte van het water in de plas-dras, dan krijg je slikkige randjes, die boordevol lekkers zitten voor de kuikens.

1e Overleg met aangesloten adviseurs

Vandaag vond het eerste overleg met de aangesloten adviseurs plaats. Alle adviseurs zijn benaderd of hebben zich gemeld om onafhankelijk advies te bieden, ieder op zijn eigen expertisegebied. We hebben nu 15 enthousiaste professionals in de pool en dit aantal groeit.

Wat opviel was dat men zich had aangesloten op basis van intrinsieke motivatie. Met elkaar wil men het belang en de noodzaak zien om via deze pool kennis over NIL op het erf te brengen. Het was goed om kennis met elkaar te maken en duidelijk werd dat de LAP een uitstekende netwerkfunctie heeft. Intern werkt het als een soort van Kennisplatform / Brûsplak, met elkaar weten we de kennis per adviseur te verbreden door vanuit een breder perspectief naar de materie te kijken.

Fryslân helpt boeren met nieuw kennisnetwerk

Friese boeren kunnen binnenkort met hun bedrijfsspecifieke kennisvragen over natuurinclusieve kringlooplandbouw terecht bij de Landbouwadviespool (LAP). De pool is een netwerk van onafhankelijke, niet-commerciële adviseurs die Friese boeren op hun erf helpt. Hiermee sluit Fryslân aan bij initiatieven vanuit LNV om kennis over verschillende aspecten van natuurinclusieve landbouw op het boerenerf te brengen. Living Lab Fryslân krijgt een coördinerende rol bij de uitvoering van deze pool.

Gedeputeerde Klaas Fokkinga: “As provinsje wolle wy de oergong nei in natuerynklusive omrinlânbou mear gong jaan. Op it boerehiem komme in soad maatskiplike fraachstikken byinoar. Tagelyk moat dêr ek in goed stik brea fertsjinne wurde. Hokker plan makkest dan foar de kommende jierren? Wat is ienfâldich te feroarjen of ta te passen? Hoe hâlde guon dingen mei-inoar ferbân? Wat betsjut dat ekonomysk? Mei dizze Lânbou-advyspool besykje wy de Fryske boer by dy transysje op syn hiem te stypjen. Dat is in hiele moaie ûntwikkeling!”

De LAP wordt opgezet in het kader van de Friese Landbouwagenda, die op initiatief van de provincie gezamenlijk met belanghebbenden uit de Friese landbouwsector wordt opgesteld. Om de transitie in de landbouw meer vaart te geven, verbindt de LAP beleid en praktijk tot op het boerenerf.

De LAP gaat functioneren als een vraagbaak voor boeren. Het gaat nadrukkelijk niet om een fysiek kantoor, maar om een pool van deskundigen die naar de boeren toe komen met kennis. De deskundigen trekken samen op met een netwerk van verschillende organisaties om beschikbare kennis te delen.

Adviseurs beantwoorden de vragen van de boeren. Zij doen dit met ondersteuning van een netwerk van organisaties zoals de agrarische collectieven, landbouw- en natuurorganisaties, It Wetterskip, kennisinstellingen en de provincie Fryslân. Bijvoorbeeld hoeveel kruidenrijk grasland inpasbaar is in de bedrijfsvoering. Of hoe met de bedrijfsvoering kan worden ingespeeld op de stikstof- of veenweideopgave. Ook kan bijvoorbeeld op het gebied van dierenwelzijn advies gevraagd worden. Op dit moment vinden er nog gesprekken plaats met verschillende organisaties om de LAP mee vorm te geven.